Biodivercity

Home > Water > Biotoopfactsheet


PDF
Poel



Omschrijving:

Aanleg: Een poel is een geïsoleerd stilstaand water van beperkte omvang (van 1 tot niet veel meer dan 100 m2). Een poel kan ontstaan doordat een natuurlijke laagte in het landschap volloopt met (regen- of grond)water, maar meestal is hij gegraven. Ondiepe, incidenteel droogvallende poelen leveren de meeste biodiversiteit op (aan planten, amfibieën en insecten). Voor amfibieën zijn ondiepe poelen (uitgraven tot op 0,5 à 1 m beneden de laagste grondwaterstand) met geleidelijk oplopende oevers het meest geschikt. Diepere poelen worden op den duur door vissen bevolkt, wat ze ongeschikt maakt voor bijvoorbeeld watersalamanders. Poelen zijn bij voorkeur niet beschaduwd en liggen in grasland of enkele meters van de bosrand. Veel soorten profiteren van deze specifieke combinatie van water en groen.

Beheer: Poelen moeten regelmatig (vaak om de paar jaar) geschoond worden om dichtgroeien te voorkomen. Werkzaamheden aan de poel (gefaseerd maaien van de vegetatie en gefaseerd baggeren bij een dikke sliblaag) worden bij voorkeur in de nazomer/herfst uitgevoerd. Zo wordt verstoring in het groeiseizoen voorkomen en ondervinden overwinterende amfibieën geen schade. Fasering bij de uitvoering is van belang, zodat het ongestoorde deel als vluchtplaats kan dienen.

Voorbeeldsoorten:

Flora: Poelen vormen een groeiplaats voor water- en moerasplanten. Hierop kunnen amfibieën hun eieren afzetten. Waterplanten zijn bijvoorbeeld: grof hoornblad, ondergedoken moerasscherm (zeldzaam), waterviolier, lidsteng (kwelindicatoren) en kranswieren, maar ook planten met drijfbladeren als witte waterlelie, drijvend fonteinkruid en watergentiaan. Moerasplanten zijn o.a. liesgras en grote kattenstaart.

Fauna: Poelen zijn voor amfibieën van levensbelang als voortplantingsbiotoop. Ook insecten en andere ongewervelden kunnen in de poel zelf of op het talud leven. Deze vormen op hun beurt weer voedsel voor de amfibieën. Poelen vormen ook een drinkplek voor zoogdieren en vogels. Libellensoorten (azuurwaterjuffer, variabele juffer, gewone oeverlibel, keizerlibel, platbuik) vinden er hun biotoop als er ook moerasplanten aanwezig zijn.

Azuurwaterjuffer

Poelkikker

Kleine watersalamander

Variabele waterjuffer

Rugstreeppad

Meerkikker